Part 2: Centrale coherentie
"Met centrale coherentie wordt bedoeld de tendens om binnenkomende informatie globaal en in de context te verwerken" (Wikipedia).
Alle prikkels die bij een persoon binnenkomen worden niet alleen geregistreerd in de hersenen, ze worden ook verwerkt. Hoofd- en bijzaken worden gescheiden, waarna hoofdzaken worden onthouden en bijzaken kunnen worden vergeten. Ook wordt informatie aan al bestaande informatie gekoppeld en worden verbanden gelegd.
Bij mensen met autisme gaat deze informatieverwerking niet helemaal goed. De samenwerking tussen de hersendelen verloopt minder soepel, waardoor een meer versplinterd beeld van dingen ontstaat, in plaats van een geheel.
Dit heeft effect op zowel materiële (dit bericht) als sociale gebeurtenissen (volgend bericht).
Materieel
Mensen met autisme kunnen een ongelooflijk gevoel voor detail hebben. Wat ik bijvoorbeeld zo leuk vind aan puzzelen, is om de precieze vorm en kleur in elk stukje te observeren. Dit maakt dat ik vaak zonder te passen al precies weet of een stukje klopt of niet.
Als mensen met autisme een nieuwe omgeving binnenkomen, dan zien ze ook niet direct het totaal, maar eerst de details. Bijvoorbeeld: daar hangt een lamp, de vensterbank is krom in plaats van recht, er zit een vlek op de tafel, er zijn drie dezelfde stoelen en 2 afwijkende.
Het nadeel is dat we moeite hebben met overzicht houden. Zo kan ik bijvoorbeeld wel dat leuke embleempje in je t-shirt zien, maar merk ik niet dat je een nieuw setje aanhebt.
Of een keer toen ik in Brussel was: er stonden mega-bloembakken langs de weg, ongeveer zo groot als een vrachtwagen, en wel meer dan 20 achter elkaar. Toen mijn vrienden over bloembakken begonnen, snapte ik niet waarom dat zo'n belangrijk onderwerp was. Mij viel juist de kleur van de bakstenen op, en de rare elektriciteitsdraden die langs de groeven liepen.
Toen ik de vraag "waar staan die bloembakken dan?" stelde, werd ik dan ook raar aangekeken.
Tot slot, kinderen of jongeren met autisme kunnen vastlopen in hun studie omdat er van hen dingen gevraagd worden die ze niet voor elkaar krijgen. Overzicht behouden over de stof en hoofd- en bijzaken onderscheiden in tekstboeken en colleges is lastig. Daarbij komt dat veel docenten geen duidelijke lijn in hun aanpak hebben, en vaak wijzigingen op het laatste moment doorvoeren. Bovendien kunnen tentamenvragen voor autisten te cryptisch of te vaag zijn.
Ik ervaar het als een grote zegen dat ik desondanks zonder veel hinder door mijn opleiding rol!
donderdag 10 april 2014
woensdag 9 april 2014
Braintraining part 1: Theory of Mind
Bij mensen met autisme zijn er grofweg drie dingen in de hersenen die misgaan ten opzichte van mensen zonder autisme. Zelf heb ik deze begrippen altijd vaag gevonden, maar speciaal voor m'n blog ga ik ze nu eens onder woorden brengen, met voorbeelden.
Part 1: Theory of Mind, kortweg ToM
"Theory of Mind is het menselijk vermogen om zich een beeld te vormen van het perspectief van een ander en indirect ook van zichzelf" (Wikipedia).
De basis van ToM is empathie: het meeleven met iemands gevoelens, gedachten of positie. Voor menselijke interactie is het van belang om je te kunnen herkennen in anderen, om het standpunt van een ander te begrijpen en om te weten hoe iets op iemand overkomt. Er vindt een heen- en weergaand leerproces plaats tussen gevoelens en gedachten, en bij de ontwikkeling van je ToM leer je om het gedrag van jezelf en van een ander in dat perspectief te plaatsen.
Heel kort: de ToM maakt dat je je kan inleven in iemand anders.
Gisteren belde ik mijn vriend op om een probleempuntje binnen onze relatie te bespreken. In eerste instantie reageerde hij niet zo actief. Ik vroeg hem waarom niet.
"Rianne," gaf hij aan, "jij loopt al een aantal dagen met dit probleem in je hoofd, en voor jou is het allemaal heel logisch, maar ik ervaar helemaal geen probleem. Voor mijn gevoel is er niets aan de hand, en dan plots bel jij me op en is er een heel ernstig probleem. Dat komt een beetje gek op mij over."
Het was goed dat hij dit aan mij uitlegde, want ik had deze situatie niet direct door. In mijn beleving was het duidelijk dat er een probleem was, en ik had me geen seconde bedacht dat mijn woorden nogal out-of-the-blue op hem overkwamen.
Toen hij het had uitgelegd kon ik het wel begrijpen. Gelukkig.
Helaas komt het ook regelmatig voor dat hoe ik ook mijn best doe, ik me totaal niet kan voorstellen dat iemand iets op een andere manier ervaart dan ik. Mijn voetbaltrainer bijvoorbeeld, kan soms nogal boos en heftig aanwijzingen staan te geven. Ik vind dit totaal geen probleem, ik ga hier juist extra mijn best door doen en voel me geen moment ongemakkelijk. Andere meiden uit mijn team echter, kunnen zich er erg naar door voelen. Ze gaan er juist niet beter van presteren.
Hoewel ik wel weet hoe het is om je neerslachtig of onzeker te voelen, kan ik me niet goed voorstellen dat zij die gevoelens krijgen bij de uitspattingen van mijn trainer.
Omdat mijn ToM beperkt is, neem ik dat soort dingen maar gewoon aan (zoals sommigen van jullie ook met mijn autisme moeten doen).
Part 1: Theory of Mind, kortweg ToM
"Theory of Mind is het menselijk vermogen om zich een beeld te vormen van het perspectief van een ander en indirect ook van zichzelf" (Wikipedia).
De basis van ToM is empathie: het meeleven met iemands gevoelens, gedachten of positie. Voor menselijke interactie is het van belang om je te kunnen herkennen in anderen, om het standpunt van een ander te begrijpen en om te weten hoe iets op iemand overkomt. Er vindt een heen- en weergaand leerproces plaats tussen gevoelens en gedachten, en bij de ontwikkeling van je ToM leer je om het gedrag van jezelf en van een ander in dat perspectief te plaatsen.
Heel kort: de ToM maakt dat je je kan inleven in iemand anders.
Gisteren belde ik mijn vriend op om een probleempuntje binnen onze relatie te bespreken. In eerste instantie reageerde hij niet zo actief. Ik vroeg hem waarom niet.
"Rianne," gaf hij aan, "jij loopt al een aantal dagen met dit probleem in je hoofd, en voor jou is het allemaal heel logisch, maar ik ervaar helemaal geen probleem. Voor mijn gevoel is er niets aan de hand, en dan plots bel jij me op en is er een heel ernstig probleem. Dat komt een beetje gek op mij over."
Het was goed dat hij dit aan mij uitlegde, want ik had deze situatie niet direct door. In mijn beleving was het duidelijk dat er een probleem was, en ik had me geen seconde bedacht dat mijn woorden nogal out-of-the-blue op hem overkwamen.
Toen hij het had uitgelegd kon ik het wel begrijpen. Gelukkig.
Helaas komt het ook regelmatig voor dat hoe ik ook mijn best doe, ik me totaal niet kan voorstellen dat iemand iets op een andere manier ervaart dan ik. Mijn voetbaltrainer bijvoorbeeld, kan soms nogal boos en heftig aanwijzingen staan te geven. Ik vind dit totaal geen probleem, ik ga hier juist extra mijn best door doen en voel me geen moment ongemakkelijk. Andere meiden uit mijn team echter, kunnen zich er erg naar door voelen. Ze gaan er juist niet beter van presteren.
Hoewel ik wel weet hoe het is om je neerslachtig of onzeker te voelen, kan ik me niet goed voorstellen dat zij die gevoelens krijgen bij de uitspattingen van mijn trainer.
Omdat mijn ToM beperkt is, neem ik dat soort dingen maar gewoon aan (zoals sommigen van jullie ook met mijn autisme moeten doen).
maandag 7 april 2014
Moeten stoppen met moeten
Vooruit, ik geef het toe, vandaag was opnieuw een dag van obsessies.
Ik heb me met moeite weg moeten slepen achter de puzzel. Over een half uurtje moet ik weg (gelukkig, want anders had ik nog de hele avond gepuzzeld), en ik merkte al snel aan mijn schouders dat ik oververmoeid raakte. Desondanks heb ik nog een uur met zere ledematen door gepuzzeld.
Moeilijk vind ik het! Om te stoppen met iets dat ik aan het doen ben.
De puzzel moet eerst af voordat ik iets anders mag doen.
Een boek waar ik in begin, moet uit voordat ik aan een nieuwe begin.
Als ik de strijkplank heb gepakt, moeten ook álle blousejes gestreken worden.
Als ik mijn kamer stofzuig, moet ik eigenlijk ook álles met een doekje afnemen.
De afwas doen staat gelijk aan het netjes maken van de keuken.
Etcetera.
"Jij moet altijd zoveel, Rianne" zei een vriendin laatst tegen me.
Ze sloeg de spijker op z'n kop. Ik moet van alles.
Soms probeer ik om niet zoveel te moeten. Met andere woorden, dan moet ik stoppen met moeten.
Tja, dat schiet niet op he...
Ik heb me met moeite weg moeten slepen achter de puzzel. Over een half uurtje moet ik weg (gelukkig, want anders had ik nog de hele avond gepuzzeld), en ik merkte al snel aan mijn schouders dat ik oververmoeid raakte. Desondanks heb ik nog een uur met zere ledematen door gepuzzeld.
Moeilijk vind ik het! Om te stoppen met iets dat ik aan het doen ben.
De puzzel moet eerst af voordat ik iets anders mag doen.
Een boek waar ik in begin, moet uit voordat ik aan een nieuwe begin.
Als ik de strijkplank heb gepakt, moeten ook álle blousejes gestreken worden.
Als ik mijn kamer stofzuig, moet ik eigenlijk ook álles met een doekje afnemen.
De afwas doen staat gelijk aan het netjes maken van de keuken.
Etcetera.
"Jij moet altijd zoveel, Rianne" zei een vriendin laatst tegen me.
Ze sloeg de spijker op z'n kop. Ik moet van alles.
Soms probeer ik om niet zoveel te moeten. Met andere woorden, dan moet ik stoppen met moeten.
Tja, dat schiet niet op he...
vrijdag 4 april 2014
Een autismeconferentie die geen rekening houdt met autisten
In het kader van de autismeweek ging ik gisteren (03-04) naar een eendaagse autismeconferentie in Delft. Onderwerp: autisme en carrière.
Daar moet ik heen dacht ik. Want misschien kan ik wel een hoogopgeleide, autistische topper als boegbeeld gebruiken (over boegbeelden in een ander bericht meer).
Nou... ik weet niet wie het organiseerde, maar overduidelijk geen mensen met autisme en helaas ook geen mensen die iets afwisten van autisme (hoewel ze dat waarschijnlijk wel beweren).
Het belangrijkste irritatiepunt besloeg het feit dat er tijdens de praatjes continu gelopen werd door de zaal. Organisatoren liepen achterin heen en weer, of liepen zelfs helemaal de trap af naar beneden om iets tegen een collega te zeggen, en vervolgens weer helemaal naar boven. Betrokkenen stonden in groepjes te kletsen en half op de trap te hangen, deuren stonden te klapperen tegen een prullenbak en er gingen steeds mensen naar binnen en naar buiten. Niemand die duidelijk aangaf dat het heen- en weer geloop natuurlijk niet de bedoeling is (en indien dit wel het geval was, dan is dat nog dommer).
Als ik er weer over nadenk, erger ik me opnieuw, ontzettend! Bijna stond ik op het punt om midden in de zaal op te staan en heel hard te roepen dat er AUTISTEN IN DE ZAAL ZIJN!
Gelukkig heb ik me ingehouden.
Andere domme organisatiefouten bij een conferentie voor autisten zijn:
- onduidelijkheid over waar wat is (waar is de inschrijftafel, waar zijn de zalen, waar is het toilet, waar kan ik even rustig zitten)
- onduidelijkheid over wanneer wat is ("we gaan over 10 minuten verder" en dan ineens "o nee, we gaan toch eerst eten")
- te weinig eten en drinken! Een snelle spijsvertering, een wiebelend suikergehalte in je bloed en een nieuwe en spannende omgeving maken dat een dergelijke middag/avond een ramp is als je 10 minuten in de rij moet staan voor wat te drinken en als het eten op is omdat je eerst even naar de wc ging en nog een vraag wilde stellen (want we gingen over 10 minuten verder).
En bovenal, in een gesprek met een autist is het belangrijk dat je die persoon serieus neemt. Dus niet je rug toedraaien terwijl je wel hebt gezien dat er iemand bij de tafel op jou te wachten staat. En niet even snel iets tussendoor doen omdat de autist voor je neus nou eenmaal niet zo assertief is. Dat zijn twee signalen die op iemand met autisme totaal verkeerd overkomen! En misschien ook wel op iemand zonder autisme.
Na me twee uur lang doodgeërgerd te hebben, en totaal leeggezogen en volledig overprikkeld te zijn, ben ik naar huis gegaan. Het station heb ik met het laatste broodje op de schaal nog net kunnen halen, waarna ik aangevallen ben op een flinke bak patat. Vervolgens ben ik de trein bijna in gekropen en was ik pas om 20.30u. thuis terwijl ik al om 18u. weg was gegaan van de conferentie (door vermoeidheid ben ik vergeten uit te stappen).
DIT NOOIT MEER!
Daar moet ik heen dacht ik. Want misschien kan ik wel een hoogopgeleide, autistische topper als boegbeeld gebruiken (over boegbeelden in een ander bericht meer).
Nou... ik weet niet wie het organiseerde, maar overduidelijk geen mensen met autisme en helaas ook geen mensen die iets afwisten van autisme (hoewel ze dat waarschijnlijk wel beweren).
Het belangrijkste irritatiepunt besloeg het feit dat er tijdens de praatjes continu gelopen werd door de zaal. Organisatoren liepen achterin heen en weer, of liepen zelfs helemaal de trap af naar beneden om iets tegen een collega te zeggen, en vervolgens weer helemaal naar boven. Betrokkenen stonden in groepjes te kletsen en half op de trap te hangen, deuren stonden te klapperen tegen een prullenbak en er gingen steeds mensen naar binnen en naar buiten. Niemand die duidelijk aangaf dat het heen- en weer geloop natuurlijk niet de bedoeling is (en indien dit wel het geval was, dan is dat nog dommer).
Als ik er weer over nadenk, erger ik me opnieuw, ontzettend! Bijna stond ik op het punt om midden in de zaal op te staan en heel hard te roepen dat er AUTISTEN IN DE ZAAL ZIJN!
Gelukkig heb ik me ingehouden.
Andere domme organisatiefouten bij een conferentie voor autisten zijn:
- onduidelijkheid over waar wat is (waar is de inschrijftafel, waar zijn de zalen, waar is het toilet, waar kan ik even rustig zitten)
- onduidelijkheid over wanneer wat is ("we gaan over 10 minuten verder" en dan ineens "o nee, we gaan toch eerst eten")
- te weinig eten en drinken! Een snelle spijsvertering, een wiebelend suikergehalte in je bloed en een nieuwe en spannende omgeving maken dat een dergelijke middag/avond een ramp is als je 10 minuten in de rij moet staan voor wat te drinken en als het eten op is omdat je eerst even naar de wc ging en nog een vraag wilde stellen (want we gingen over 10 minuten verder).
En bovenal, in een gesprek met een autist is het belangrijk dat je die persoon serieus neemt. Dus niet je rug toedraaien terwijl je wel hebt gezien dat er iemand bij de tafel op jou te wachten staat. En niet even snel iets tussendoor doen omdat de autist voor je neus nou eenmaal niet zo assertief is. Dat zijn twee signalen die op iemand met autisme totaal verkeerd overkomen! En misschien ook wel op iemand zonder autisme.
Na me twee uur lang doodgeërgerd te hebben, en totaal leeggezogen en volledig overprikkeld te zijn, ben ik naar huis gegaan. Het station heb ik met het laatste broodje op de schaal nog net kunnen halen, waarna ik aangevallen ben op een flinke bak patat. Vervolgens ben ik de trein bijna in gekropen en was ik pas om 20.30u. thuis terwijl ik al om 18u. weg was gegaan van de conferentie (door vermoeidheid ben ik vergeten uit te stappen).
DIT NOOIT MEER!
woensdag 2 april 2014
De autonome autist
In de loop der jaren is de samenleving door sociologen beschreven met woorden als: laat-modern, post-industriëel, post-materieel, rationeel, reflexief en vooral: individueel. We leven momenteel in een keuzemaatschappij waarin iedereen zijn leven op zijn eigen manier mag invullen. Niemand heeft meer last van familie, vrienden of omgeving, zowel financieel als normatief. We kunnen onze eigen boontjes doppen, en we doen dat ook.
Met andere woorden, de mens is autonoom geworden, zelfstandig en individueel verantwoordelijk. Er wordt niet meer gekeken naar je afkomst, je opleiding, de hoeveelheid geld die je hebt of je geslacht. Nee, je wordt beoordeeld op jouw vermogen, jouw kwaliteiten, jouw keuzes, jouw mogelijkheden, en bovendien ook op jouw fouten, jouw verkeerde beslissingen, jouw domheid en jouw pech.
Interessant is de vraag of door deze verander(en)de samenleving het leefklimaat van een autist juist een gunstiger of een minder gunstige wending heeft genomen?
Immers, zoals weleens zo mooi wordt omschreven: een autist is niet persé gek of gestoord, maar heeft bepaalde eigenschappen (niet) waardoor het leven in de maatschappij (die vooral gericht is op niet-autisten) nogal eens heel lastig kan zijn.
Kan een autist in een samenleving die zich individualiseert beter of slechter functioneren (dan wanneer dit proces van individualisering niet zou plaatsvinden)?
...
Je antwoord is...
Goed!
Omdat...
Het aan de ene kant voordelig is voor een autist dat er per individu wordt gekeken naar zijn of haar eigenschappen. Op die manier kan er oog komen voor de geweldige kwaliteiten van autisten, die vervolgens weer ingezet kunnen worden op een manier die voor zowel henzelf als de samenleving winstgevend is. Door individuele beoordeling en een individuele aanpassing van werk- en leefomstandigheden kan een omgeving worden gecreëerd waarin er zicht komt op de mooie dingen die juist autisten voor elkaar kunnen krijgen.
Aan de andere kant echter, biedt de geïndividualiseerde samenleving geen enkele structuur, duidelijkheid of rechtlijnigheid meer. Er is geen houvast, er zijn geen vaste regels, geen vaste normen en waarden. Met andere woorden, geen enkele situatie gaat zoals een eerdere situatie ging. Dit maakt het leven voor een autist ontzettend onduidelijk. Het feit wil dat autisten, meer dan NT-ers, moeite hebben met de dagelijkse gang van zaken (en het begrijpen daarvan), maar deze dagelijkse gang in de huidige samenleving nauwelijks meer bestaat!
Alles heeft zijn voor- en zijn nadelen zullen we maar zeggen.
Met andere woorden, de mens is autonoom geworden, zelfstandig en individueel verantwoordelijk. Er wordt niet meer gekeken naar je afkomst, je opleiding, de hoeveelheid geld die je hebt of je geslacht. Nee, je wordt beoordeeld op jouw vermogen, jouw kwaliteiten, jouw keuzes, jouw mogelijkheden, en bovendien ook op jouw fouten, jouw verkeerde beslissingen, jouw domheid en jouw pech.
Interessant is de vraag of door deze verander(en)de samenleving het leefklimaat van een autist juist een gunstiger of een minder gunstige wending heeft genomen?
Immers, zoals weleens zo mooi wordt omschreven: een autist is niet persé gek of gestoord, maar heeft bepaalde eigenschappen (niet) waardoor het leven in de maatschappij (die vooral gericht is op niet-autisten) nogal eens heel lastig kan zijn.
Kan een autist in een samenleving die zich individualiseert beter of slechter functioneren (dan wanneer dit proces van individualisering niet zou plaatsvinden)?
...
Je antwoord is...
Goed!
Omdat...
Het aan de ene kant voordelig is voor een autist dat er per individu wordt gekeken naar zijn of haar eigenschappen. Op die manier kan er oog komen voor de geweldige kwaliteiten van autisten, die vervolgens weer ingezet kunnen worden op een manier die voor zowel henzelf als de samenleving winstgevend is. Door individuele beoordeling en een individuele aanpassing van werk- en leefomstandigheden kan een omgeving worden gecreëerd waarin er zicht komt op de mooie dingen die juist autisten voor elkaar kunnen krijgen.
Aan de andere kant echter, biedt de geïndividualiseerde samenleving geen enkele structuur, duidelijkheid of rechtlijnigheid meer. Er is geen houvast, er zijn geen vaste regels, geen vaste normen en waarden. Met andere woorden, geen enkele situatie gaat zoals een eerdere situatie ging. Dit maakt het leven voor een autist ontzettend onduidelijk. Het feit wil dat autisten, meer dan NT-ers, moeite hebben met de dagelijkse gang van zaken (en het begrijpen daarvan), maar deze dagelijkse gang in de huidige samenleving nauwelijks meer bestaat!
Alles heeft zijn voor- en zijn nadelen zullen we maar zeggen.
Abonneren op:
Posts (Atom)