zaterdag 26 april 2014

Nieuw, nieuw en nog eens nieuw

Deze week ben ik begonnen met maar liefst 2 nieuwe vakken. Het afgelopen jaar heb ik er telkens maar 1 gedaan, en ik was benieuwd of ik weer fit genoeg ben om er 2 aan te kunnen.
Een van de twee is een wiskunde vak: met een groep mensen die ik niet ken en een notatiesysteem dat meer lijkt op Chinees dan op Nederlands.

Mijn Asperger maakt dat nieuwe of spannende gebeurtenissen extra veel indruk maken. Dientengevolge zitten alle ervaringen van afgelopen week continu in mijn hoofd, en heb ik een doorlopend stressgevoel.

Dat stressgevoel richt zich op het wennen aan: een nieuw systeem van deadlines, de gang van zaken bij nieuwe docenten, nieuwe groepsgenoten (wiskunde-lui zijn overigens super aardig), nieuwe stof en meer contacturen: ik moet ineens 4 dagen naar college ipv 2.

Dat het wennen aan al deze nieuwe zaken mij een stressgevoel oplevert, heeft te maken met:
- er continu over nadenken = vermoeidheid
- er ook 's nachts over na denken = slecht slapen
- verwerken van alle gesprekken (hoe kom ik over, heb ik de juiste dingen gezegd, had ik anders moeten reageren), kortom, continue reflectie
- én belangrijk: door de extra taken het gevoel hebben dat ik niet genoeg tijd heb voor m'n dagelijkse huishoudelijke taken. Desondanks al die taken toch willen doen, alsmede al m'n eerste deadlines perfect willen halen = stressgevoel (hoe krijg ik het allemaal af?)

Kennis te hebben van mijn Asperger scheelt in deze situatie enorm! Ik weet waardoor het komt dat ik veel nadenk, moeite heb om dingen los te laten, in de stress schiet en slecht slaap.
Ik weet ook dat ik er vrij weinig aan kan doen, behalve goed voor mezelf zorgen. Dat doe ik dan ook.

Ik maak lijstjes van alle taken en bepaal aan het begin van de dag voor welke taken ik die dag energie heb. Ook bepaal ik aan het begin van de dag op welke momenten ik ontspanning zoek en hoe lang ik mag studeren.
Dit heeft wel tot gevolg dat ik vandaag max. 2 uur de tijd heb om de stof voor een opdracht te lezen en de opdracht te moeten schrijven. Dit kan uiteraard weer een nieuw stressgevoel opleveren: hoe krijg ik het af in 2 uur? De kunst is dan om te accepteren dat het ook weleens niet af kan zijn (of niet perfect kan zijn).

Tot slot, ik wacht. En wacht. En wacht nog langer.
Ik raak vanzelf gewend aan de nieuwe situatie en dan wordt de overprikkeling minder en mijn stressgevoel ook.
De tijd heelt alle wonden...

zaterdag 19 april 2014

Pasen en Kerst: twee verschillende dezelfden

Kunnen twee dingen die hetzelfde zijn tegelijkertijd verschillen?

Voor mij wel.

Pasen en kerst komen overeen op de volgende punten:
- het is druk qua familie-afspraken
- in mijn geval is het daardoor ook druk qua treinreizen
- het moet verplicht gezellig zijn
- je bent vaak in relatief grote groepen mensen bij elkaar
- je bent vaak relatief lang bij elkaar
- er is een overvloed aan eten (hoewel ik dat meestal niet zo erg vind)
- je moet je veel schikken naar wensen van anderen (omdat je veelvuldig met anderen optrekt)

Bovenstaande punten zijn een gevolg van de situatie dat pasen en kerst twee feesten zijn die meerdere dagen duren en die door (bijna) mijn gehele omgeving gevierd worden. Zou ik er daardoor voor kiezen om op 1e paas- of kerstdag op m'n kamer te blijven zitten, dan voel ik me daardoor extra eenzaam. De wetenschap dat iedereen bij familie is, legt druk op de beslissing waar ik tijdens de feestdagen wil zijn.

Gelukkig is mijn familie er een van vrijheden. Al jaren zeggen mijn ouders dat als ik geen puf heb om op bezoek te komen, ik dat absoluut niet hoef.
Dit jaar met pasen ga ik voor het eerst eens proberen hoe dat is en ik moet zeggen: op voorhand vermindert het de stress al behoorlijk!

Het verschil tussen pasen en kerst zit 'm voor mij ook in andere dingen:
- het feest van pasen staat dichter bij me waardoor ik meer geniet van de kerkdiensten. Daar doe ik dan juist energie op.
- de weken rondom pasen zijn rustiger qua afspraken dan met kerst. De periode van sociale gezelligheid is daardoor beter te overzien.
- het weer helpt mee. Met pasen kan je buiten zitten, zonder jas fietsen, en wandelingetjes maken. De omgeving voelt daardoor letterlijk ruimer aan.

Toch zal ik blij zijn als ik volgende week weer gewoon in de schoolbanken zit en al het feestgebeuren achter de rug heb.
Afspraakjes zijn leuk, maar niet als ze verplicht zijn.

donderdag 17 april 2014

Volle vakantie

Tot nu toe heb ik bijna alle jaren mijn zomervakantie tot de nok toe vol gebouwd.

Een week op vakantie daarnaartoe, een paar dagen logeren bij die, een paar dagen naar m'n ouders, nog een vakantie met een vriendin, een kampweek leiden, een cursus volgen en werken.

Al een aantal jaar probeer ik wat meer ruimte te creëren voor mezelf. Dat blijft echter lastig en ik ben erachter gekomen waarom:

Ik vind het eng om lege ruimte in  m'n agenda te hebben.

Een dag leeg vind ik heerlijk, en heb ik zelfs minstens 1, het liefst 2 keer per week echt nodig. Maar zodra ik 2 dagen vrij heb achter elkaar, ga ik dingen plannen.
In de zomer heb ik 8 weken vakantie. Als ik daarin 1 week vrij heb aan het begin en 1 week aan het eind, dan kan ik het overzien. Ik weet dan dat ik in de eerste week m'n kamer ga opruimen en in de laatste week alvast m'n schoolspullen op orde ga maken. Maar wat moet ik met de tussenliggende weken?

Het voelt als een groot leeg gat. Ik kan het niet overzien.
Stel dat ik niet weet wat ik morgen ga doen? En wat ik de week erna ga doen? Stel dat ik me ga vervelen, en me daardoor depressief ga voelen? Stel dat ik me eenzaam ga voelen?

De angst om me te gaan vervelen is niet reëel, want er zijn vaak zoveel dingen die ik kan doen dat ik ze niet eens allemaal gedaan krijg.
En dan nog. Mijn vriend zei eens: "Als je je in de zomervakantie gaat vervelen, dan weet je dat je echt uitgerust bent en weer aan een nieuw jaar kunt beginnen."

Meestal ben ik eerder uitgeput dan uitgerust na de zomervakantie. Door al die geplande dingen moet ik zoveel, dat ik van moet-naar-moet leef, in plaats van te genieten van m'n vrije tijd.
Een grote oorzaak van die uitputting is dat elke sociale afspraak voelt als móeten in plaats van als ontspanning.

Hoe ga ik zomervakantie dit jaar inplannen?
Zo leeg mogelijk!

maandag 14 april 2014

Braintraining part 3: Executieve Functies

Part 3: Executieve Functies.
"Onder executieve functies worden de controlefuncties van de hersenen verstaan. Ze zijn lastig eenduidig te definiëren" (Wikipedia).

Eronder vallen alle mogelijkheden die iemand heeft om probleemoplossend te werk te gaan. Het omvat het overzien van situaties, het inschatten van situaties, het verzinnen van een plan of een oplossing, het remmen of stimuleren van een actie, bedenken in welke volgorde iets moet gebeuren, het gebruiken van je geheugen, het stellen van doelen en het indelen van de beschikbare tijd.

In de praktijk zie je dat mensen met autisme moeite hebben om 's ochtends alles gedaan te krijgen: opstaan, aankleden, eten, brood smeren voor tussen de middag, tanden poetsen, veters strikken, bed opmaken, gordijnen openmaken: het zijn zoveel kleine losse taakjes, die in zoveel mogelijke volgordes en op verschillende manieren gedaan kunnen worden, dat iemand met autisme het niet meer kan overzien.
Het kan daardoor extreem lang duren, of het gebeurt niet (op de juiste manier).

Veel van de Executieve Functies zijn ook van belang bij het volgen van een studie of het hebben van een baan. Bij iemand zonder autisme gaan deze dingen min of meer vanzelf, ze leren het tijdens het volwassen worden, echter, iemand met autisme krijgt het soms gewoon niet voor elkaar.

In mijn geval gaan de Executieve Functies best goed. Ik kan op mezelf wonen, voor mezelf zorgen, m'n studie doen, kortom, m'n leven organiseren (alhoewel je niet ziet hoeveel moeite het me soms kost).
Enerzijds komt dit denk ik doordat ik een relatief hoog IQ heb en ik daardoor goed kan bedenken hoe dingen zouden moeten lopen.
Anderzijds denk ik dat mijn karakter ervoor zorgt dat ik continu  mezelf aan het verbeteren ben. In de loop der jaren heb ik op een zo optimaal mogelijke manier geprobeerd mijn problemen aan te pakken. Sommige problemen zijn daardoor niet alleen verdwenen, maar zelfs verandert in een sterktepunt, zoals het onderscheiden van hoofd- en bijzaken in een tekst.
Of het bedenken van oplossingen: het buiten gebaande paden denken.

Pas sinds kort heb ik geleerd om mezelf te remmen op de momenten dat ik te veel doorga. Zo mag ik nu max. 1 uur studeren en daarna móet ik pauze houden van mezelf. Ik heb dus een soort regel bedacht waar ik me aan moet houden, omdat ik zelf niet goed in staat ben om aan te voelen wanneer ik mezelf even moet remmen.
Een regel is star, maar overwint mijn eigen starheid daardoor soms wel.

vrijdag 11 april 2014

Centrale coherentie: sociale gebeurtenissen

Ter herhaling:
"Met centrale coherentie wordt bedoeld de tendens om binnenkomende informatie globaal en in de context te verwerken" (Wikipedia).

Sociaal
In de omgang met andere mensen is het van belang dat je ziet hoe iets op iemand overkomt, hoe de ander zich voelt, wat wel of niet handig is en hoe je je moet gedragen. Het verminderde vermogen van autisten om je te verplaatsen in iemand anders is besproken in braintraining part 1: ToM.

Een verminderde centrale coherentie speelt ook een rol. Zo kan ik bijvoorbeeld wel het trekken van je mond zien, maar niet de blik in je ogen. Als ik naar iemands gezicht kijk, kijk ik net zo naar details als wanneer ik naar materiële zaken kijk. Vaak, in sociale situaties, heb je juist een algeheel beeld van iemand gezichtsuitdrukking nodig om te snappen wat diegene bedoelt. Zo kan je je ogen samenknijpen als je blij bent, maar ook als je verdrietig bent. Alleen het detail 'ogen samenknijpen' is dus niet voldoende om dat te begrijpen.

Veel mensen met autisme kunnen ook niet zo goed gezichten onthouden. Zo kan in de supermarkt ineens iemand hoi tegen je zeggen, terwijl je niet eens weet wie het is. Regelmatig zeg ik maar op dezelfde toon 'hoi' terug, en bedenk ik me pas uren later wie het ook alweer was. Ik ga dan al mijn sociale kringen na, alle gezichten die ik ken, en pas dan kan ik iemand plaatsen.
Nieuwe mensen in m'n voetbalteam leren kennen, en uit elkaar houden, duurde ook lang.

En een familielid van me is bijvoorbeeld weleens geknuffeld door iemand van wie ze niet eens wist wie het was. Hij moet me goed kennen, dacht ze, want anders zou hij me niet knuffelen, maar wie het is?

Tijd
Het gebrek aan centrale coherentie heeft ook gevolgen voor het tijdsbesef. Zo kunnen gebeurtenissen van jaren geleden als van gisteren voelen, of kunnen sommige ervaringen helemaal niet als persoonlijk voelen. Alsof een ander persoon die situatie heeft meegemaakt, in plaats van jijzelf.

Het bijzondere is dat ik vaak zeer nauwkeurig kan aangeven hoe laat het is. Ik gebruik nooit een horloge of een klok, maar ik 'voel' aan m'n lichaam dat het nu kwart over drie is (ja hoor: 15:18).

Het afwijkende tijdsbesef heeft ook gevolgen voor hoe ik naar de toekomst kijk. Maar daarover meer in Braintraining part 3: Executieve Functies.